2. Het stroompje

 

Vanmorgen vroeg loop ik onze tuin in. Mijn aandacht wordt getrokken door ons fonteintje, ‘de vrije stroom’ geheten. Van boven valt het water in een eerste bekken om vervolgens nog een keer in een tweede bekken te vallen en daarna in een gat te verdwijnen. Dat geheel staat in een granieten bak met water, waarin een pompje verborgen zit die het water omhoog pompt. Met enige verbazing sta ik te kijken. Ik zie iets, maar wat is dat nu? Dan besef ik het: het water in de bak is bevroren, iets dat deze winter nog nauwelijks is voorgekomen. Maar het water van bovenaf stroomt gewoon door. Het water staat stil, is ijs , onbeweeglijk, en het water stroomt, valt, beweegt. Tegelijk! Het stromen en bewegen wordt niet tegengehouden door het stilstaan.

Ineens zie ik het beeld: het leven nu wordt min of meer stilgezet. Corona lijkt t heersen.  Ieders bewegingsvrijheid wordt ingeperkt. Onverbiddelijk. Maar, zie ik in mijn fonteintje, het leven laat zich niet stilzetten, wil stromen, en zal stromen. Zoals dit stroompje zijn weg vindt te midden van het ijzige, doodse ijs, zo zal ook mijn levensstroom zijn weg willen vinden. Nu. Is het niet op de bekende manier, – die is dood, ligt stil,- dan op een nieuwe manier.

Het hele beeld moedigt me aan niet te zitten treuren over wat er allemaal niet meer kan, maar mijn creativiteit wakker te maken en mijn levensstroom de kans te geven. Zoals in dit schrijven bijvoorbeeld.

25-3-20

Frans Lap